Identity infrastructure

Authenticatie die je applicatie niet zelf hoeft te bouwen.

VelvetID is CyberVelvet's centrale Identity & Access Management-platform voor first-party applicaties en goedgekeurde integraties. Je applicatie integreert via OAuth 2.0 en OpenID Connect; VelvetID beheert identiteit, authenticatie en de centrale beveiligingspolicy.

Integraties zijn niet publiek self-service. Clientregistratie en toegang worden uitgegeven voor CyberVelvet-applicaties en goedgekeurde integraties.

01 / CONCEPT

VelvetID levert een authenticatie-uitkomst, geen loginmethode.

Je applicatie hoeft niet te weten of een gebruiker met een wachtwoord, MFA, een bestaande SSO-sessie of een toekomstige methode is geauthenticeerd. De centrale policy bepaalt wat nodig is; de integratie blijft hetzelfde.

Centrale identiteit

Gebruik de stabiele OIDC sub als identity key. E-mail is een attribuut en nooit de primaire identiteitssleutel.

Applicatiegrens blijft intact

VelvetID beheert gedeelde IAM. Je eigen applicatie blijft eigenaar van businessdata, businessrollen en applicatiespecifieke workflows.

Policy zonder integratiewijziging

Sterkere authenticatie kan centraal worden afgedwongen zonder dat iedere aangesloten applicatie zijn loginflow opnieuw hoeft te bouwen.

02 / INTEGRATIE

De browser beweegt. Je backend houdt de controle.

De gebruiker wordt voor authenticatie naar VelvetID gestuurd. Gevoelige integratiehandelingen blijven server-side en je applicatie maakt na succesvolle authenticatie zijn eigen beveiligde sessie.

Start in je applicatie

Maak een authorization request met de geregistreerde client, redirect URI, state, nonce en S256 PKCE.

VelvetID authenticeert

VelvetID resolveert de geldende policy en voltooit de vereiste authenticatiestappen in centrale context.

Code terug naar je app

De browser keert alleen terug naar een exact geregistreerde redirect URI. Je backend verwerkt de authorization code.

Eigen applicatiesessie

Valideer de OIDC-uitkomst, koppel op sub en maak daarna de lokale sessie van je applicatie aan.

03 / PROTOCOL

Standaarden vormen de publieke grens.

Protocolmetadata hoort niet in applicatiecode te worden gegokt of hardcoded. Start bij discovery en laat de provider zijn ondersteunde endpoints en metadata publiceren.

Flow
Authorization Code

Browsergebaseerde authenticatie met server-side code exchange.

PKCE
S256

Code challenge protection is onderdeel van het authorization contract.

Scopes
openid · email

openid identificeert OIDC; e-mail wordt alleen via de e-mailscope gedeeld.

Discovery
/.well-known/…

Gebruik provider metadata als bron voor de actuele protocol-endpoints.

04 / SECURITY

De integratiegrens is bewust klein.

VelvetID is security-infrastructuur. De veilige route is daarom voorspelbaar: browser redirects voor authenticatie, server-side vertrouwelijke handelingen en zo min mogelijk identity-data in de consumer.

Geen secrets in de browser

Client secrets, management credentials en gevoelige API-operaties blijven aan de serverzijde.

Exacte redirect URI's

Redirects en post-logout redirects worden tegen expliciet geregistreerde waarden gevalideerd.

Minimale claims

De stabiele subject identifier is de basis. Aanvullende persoonsgegevens worden alleen gedeeld wanneer de relevante scope dat toestaat.

App-autorisatie blijft expliciet

Een geldige VelvetID-identiteit betekent niet automatisch dat iemand toegang heeft tot iedere aangesloten applicatie.

Begin bij discovery, niet bij een handgeschreven endpointlijst.

De OpenID Provider Configuration beschrijft de actuele protocolgrens. Voor Laravel-integraties kan de officiële server-side VelvetID SDK de OIDC-plumbing afschermen zodra je applicatie als client is geregistreerd.